Evenwaardig
Nederlands.
Voorstellen voor Nederlandse woordkeuze wordt voortdurend
bijgewerkt.
Deze lijst bevat bijna negenzestighonderd onnodig gebruikte
vreemde woorden
waarvoor
goede
Nederlandse woorden bestaan of te vormen zijn. Hij is samengesteld als
reactie op de neiging van veel Nederlandssprekenden om zich overvloedig
te bedienen van met name Engelse woorden en begrippen, zonder dat
hiervoor enige inhoudelijke of taalkundige noodzaak bestaat. Naar de
reden hiervan kan men gissen; een belangrijke rol spelen waarschijnlijk
onnadenkendheid, gewoonte of slordigheid (op de tv hoort men
ongelooflijk veel Engels en Amerikaans; vaak neemt men niet de moeite
om woorden te vertalen; Engelstalige filmtitels worden nog zelden
vertaald), het niet beschikbaar hebben van het juiste Nederlandse woord
en het veronderstelde prestige van het Engels.
Waarom
deze
woordenlijst?
In
kringen van
onderwijs en politiek valt met enige regelmaat de
mening te beluisteren dat het Nederlands zijn langste tijd heeft gehad.
Over niet al te lange tijd is het Nederlands niet veel meer dan een
'taal-voor-thuis', zoals nu vaak met dialecten het geval is. In de
‘echte, grote wereld’ werkt en denkt men immers in
het Engels. Veel
bedrijven maken dan ook uitgebreid gebruik van Engelse woorden; vaak is
het Engels de 'company
language'. Want in deze tijd
van
mondialisering ('globalisering') raakt het
Nederlands
achterhaald en zal het in een natuurlijk proces verdwijnen. Dat gebeurt
nu eenmaal met taal. Mensen die dit proces willen tegenhouden zijn
naïeve romantici met weinig begrip voor de realiteit.
In feite hebben deze 'mondialisten'
het Nederlands als serieuze taal al
opgegeven.
Wat opbouwender zijn degenen die
van mening zijn dat het Nederlands
vitaal genoeg is om de huidige toevloed van Engelse en Amerikaanse
woorden, uitdrukkingen en syntaxis gewoon te verdragen. Het gaat om een
modeverschijnsel. Veel zal weer verdwijnen, en sommige woorden en
zegswijzen zullen in onze taal worden opgenomen: een normaal proces van
verandering en uitwisseling.
Nu zullen wij de laatsten zijn om
te twijfelen aan de vitaliteit van de
Nederlandse taal. Maar zoals alle waardevolle zaken moet een taal wel
onderhouden worden. Het overnemen van vreemde woorden is op zichzelf
geen ongewoon of verontrustend verschijnsel, zeker niet als het om
nieuwe begrippen gaat. Maar dit moet gebeuren in het bewustzijn dat men
zelf een waardevolle taal spreekt. En als men daarvan overtuigd is,
draagt men zorg voor het behoud en de ontwikkeling van zijn taal. In
zekere zin heeft iedere Nederlandssprekende hierin een
verantwoordelijkheid – maar zeker de 'opinieleiders':
politici,
schrijvers, kunstenaars, journalisten, presentatoren enzovoort,
én het onderwijs. Professionele taalgebruikers horen de
ontwikkeling van de taal te bewaken – niet om verandering
tegen te
houden (als dat al zou kunnen), maar om deze waar nodig bij te sturen,
zodat het taaleigen niet verloren gaat.
Tegen deze opstelling wordt nogal
eens ingebracht dat een eenmaal
ingezette beweging, zoals de verengelsing van onze taal, zelden te
keren is. Maar dat staat zeker niet vast. Sommige ontwikkelingen lijken
inderdaad niet te keren; andere blijken wel, vaak tot veler verrassing,
gekeerd te kunnen worden. Maar er moet wel iets voor gedaan worden. Van
beide mogelijkheden zijn er voorbeelden te over. Ook de
veronderstelling dat de meerderheid van de Nederlandssprekenden geen
bezwaar heeft tegen de verengelsing van haar taal moet nog bewezen
worden.
Er zijn verschillende goede
inhoudelijke argumenten om weerstand te
bieden aan de klakkeloze verengelsing van het Nederlands.
In de eerste plaats: het Nederlands
is een mooie en rijke taal, gevormd
in een ontwikkeling van duizend jaar. Het heeft zijn eigen vormen en
klanken, ritme en mogelijkheden. Het is een cultuurgoed dat de moeite
waard is om behouden te blijven.
Het Nederlands is geschikt om alles
in te zeggen. Het is toepasbaar in
alle levensdomeinen. In het Nederlands kan men alle takken van
wetenschap en kunst bedrijven, het is te gebruiken voor dagelijkse
communicatie en poëzie, voor droge informatie en uitbundige
lyriek. Het Nederlands voldoet ruim aan de eisen die men in de moderne
cultuur aan een taal mag stellen.
In de tweede plaats heeft het
gebruik van vreemde woorden en
constructies een negatief effect op de kwaliteit van de communicatie.
Vaak heeft het een versluierend effect. Wanneer de gebruiker het
vreemde woord niet helemaal goed begrijpt en dus niet juist gebruikt,
is de kans groot dat de lezer of toehoorder de bedoeling verkeerd
interpreteert of niet begrijpt. Als gevolg hiervan kunnen onjuistheden
onopgemerkt blijven en misverstanden huizenhoog oprijzen. Gemakkelijk
kan ook een onterechte indruk van grote deskundigheid en vakmanschap
worden gewekt.
Tenderde kan men vaststellen dat
veel mensen – en niet alleen de lager
opgeleiden! – de vreemde (lees: Engelse) termen lang niet
altijd goed
begrijpen. Ook dan, wanneer de vreemde woorden juist gebruikt worden en
er geen ‘versluierende bijbedoelingen’ zijn, kunnen
er
communicatieproblemen ontstaan. Daardoor is te vrezen dat er op den
duur elites ontstaan die een eigen, niet algemeen begrepen taal
hanteren, die 'de anderen' buitensluit. In de wereld van de informatie-
en communicatietechnologie is zoiets al te bespeuren. Uiteindelijk komt
hiermee zelfs de democratie in het geding.
Voor de goede orde: we hebben het
hier niet over woorden die behoren
tot het taaleigen van een bepaald vakgebied of een subcultuur. Daar kan
juist dit specifieke woordgebruik een meerwaarde hebben. – Al
zou men
vaker meer moeite mogen doen om iets in het Nederlands te benoemen of
te vertalen.
Een extra probleem, hoewel van
enigszins andere orde, is dat veel
vreemde, vooral Engelse, woorden niet (makkelijk) in het Nederlandse
spellingssysteem kunnen worden weergegeven. Daardoor lopen er
verschillende spellingssystemen door elkaar, wat niet echt fraai is en
bovendien extra aandacht en leeractiviteit vraagt. Denk aan worrden als
computer, shop, maar ook chocolade.
Maar waarom noemen we een
'elektronisch brein' niet gewoon een
'rekentuig' en een chopstick een 'eetstokje'? De
woorden zijn
er in het Nederlands. En echt ingeburgerde vreemde woorden zouden we
gewoon op z'n Nederlands kunnen spellen. Het gaat hier vaak om woorden
die een tot dan toe onbekend begrip aanduiden of die in het Nederlands
terecht zijn gekomen en niet meer als vreemd worden ervaren (zoals
'sport') en/of een eigen Nederlandse betekenis hebben gekregen (zoals
'baby'). Wat is er tegen om 'sjokolade', 'bebie' en 'ponnie' te
schrijven, net als ooit 'koffie' en 'tabak'? En desnoods 'kompjoeter'?
Totstandkoming
en
aard van de woordenlijst
Eind oktober
2009
bevat Evenwaardig
Nederlands bijna 6900 onnodig gebruikte vreemde woorden en
hun
Nederlandstalige
vervangers. Daarmee is hij meer dan zeven keer zo groot als de eerste
versie. En nog is hij verre van
volledig! Regelmatig wordt de lijst aangevuld met nieuwe woorden en
uitdrukkingen en worden lemma's
aangevuld en minder geslaagde vervangende woorden verwijderd. Eventuele
fouten en onduidelijkheden worden steeds zo spoedig mogelijk hersteld.
Een deel van de opgenomen woorden
is in het algemeen taalgebruik min of
meer aanvaard. Toch bestaan ook voor deze woorden vaak goede
Nederlandse woorden, of zijn deze samen te stellen. De gegeven
vervangers zijn te gebruiken om de tekst te verlevendigen door de
synoniemen af te wisselen. U kunt natuurlijk ook kiezen voor een
consequent gebruik van de Nederlandse term. Deze groep woorden is
aangegeven met een ◊.
De vindplaatsen van de in Evenwaardig Nederlands
opgenomen
woorden zijn legio: ze komen uit tijdschriften en kranten, uit
woordenboeken en reclameteksten, ze zijn op straat, in winkels en in
vervoermiddelen gelezen en gehoord. En zeker is het taalgebruik op
radio en tv een rijke bron van onnodige vreemde woorden en
uitdrukkingen. Verder is de verzameling aangevuld uit de praktijk van
het eigen redactie- en advieswerk van de samensteller en in zijn
redactionele werkzaamheden voor de Stichting Nederlands (zie verderop).
De Nederlandstalige vervangers
komen ook uit velerlei bron: in de
eerste plaats het eigen taalkundige 'gezonde verstand'. Veel vervangers
werden gevonden in artikelen in kranten en tijdschriften, soms in
dezelfde bronnen die ook rijke vindplaatsen zijn van onnodig vreemd
taalgebruik. Het gebruik van Nederlandse en Engelse woordenboeken was
onontkoombaar. Hierbij was opvallend hoe vaak een Engels woordenboek
gebruikt moest worden om een artikel in het 'Nederlands' te kunnen
begrijpen. Een interessante bron vormt ook het Vertaalwoordenboek van
de Bond
Tegen Leenwoorden.
Ten slotte
leverden de werkzaamheden als redacteur bij de Stichting
Nederlands een
aantal vervangers op; een aantal
vervangende woorden zijn inmiddels aangepast aan de woordenlijst van
deze stichting.
Evenwaardig Nederlands is een praktische werklijst.
Hij geeft
vervangers voor Engelse en andere anderstalige woorden en uitdrukkingen
zoals ze in de praktijk gebruikt kunnen worden. Dat wil zeggen dat er
niet altijd 'officiële' vertalingen en betekenissen van het
vreemde woord worden gegeven, maar vervangers zoals die in de
Nederlandse context bruikbaar zijn. Overigens is het Nederlandse
gebruik niet altijd overeenkomstig de Engelse betekenis en
betekenisnuance. Datzelfde geldt voor de spelling. Uitgegaan is van de
spelling zoals die werd aangetroffen. Wanneer er meer schrijfwijzen
voorkomen, zijn de Nederlandse spellingregels gevolgd. Werd het woord
niet aangetroffen in de Woordenlijst Nederlandse taal en de
Spellingwijzer Onze Taal, dan is die van Van Dale Handwoordenboek
Engels-Nederlands gevolgd.
In zekere zin heeft Evenwaardig Nederlands het
karakter van een
werkdocument. Bij een aantal woorden is geen definitieve keuze gemaakt
voor een bepaalde vervanger, maar wordt dit aan de gebruiker
overgelaten, in de verwachting dat zich gaandeweg een tegenhanger zal
uitkristalliseren. Steeds gaat het om voorstellen van de samensteller.
Deze woordenlijst is te gebruiken
als naslagwerk om een Nederlandse
term te zoeken voor een kennelijk vreemd woord. Daarnaast kan het
belangwekkend zijn de lijst zomaar eens door te bladeren. Wellicht bent
u verbaasd over de grote hoeveelheid vreemde, meestal Engelse, woorden
en zegswijzen die onze taal zijn binnengeslopen zonder dat ze een
verrijking betekenen.
Stichting
Nederlands
Stichting
Nederlands (S.N.) is ontstaan uit een groep lezers van
het tijdschrift Onze Taal die zich ongerust maakt
over de
verengelsing van het Nederlands. De S.N. is bezig met de samenstelling
van een lijst van 'onnodig Engelse' woorden en hun Nederlandse
vervangers. In december 2002 verscheen 1200 x liever
Nederlands.
Woordenlijst onnodig Engels; in
april 2005 werd 2400 x
liever
Nederlands
uitgebracht. Ondertussen in de lijst verder uitgebreid en aangevuld met
enkele korte beschouwingen. De vernieuwde en uitgebreide lijst is in
het najaar van 2009 als Funshoppen
in het Nederlands. Woordenlijst onnodig Engels uitgebracht
door uitgeverij Prometheus.*
De
in die lijst opgenomen woorden zijn
verzameld, vergeleken met diverse bronnen, beoordeeld en geredigeerd
door een brede groep mensen. De keuzes in die lijst hebben de
instemming van een relatief grote groep taalgebruikers. In de
behandeling van de vreemde woorden wordt meer gestreefd naar
volledigheid en uitputtendheid. De woorden in Evenwaardig
Nederlands
komen grotendeels ook terug in de lijsten van de S.N.; wellicht gaat Evenwaardig
Nederlands uiteindelijk hierin
op. Het adres van de S.N. luidt:
Postbus 2093, 2301 CB Leiden; webstek: http://www.stichting-nederlands.nl;
netpost: stichting-nederlands@hetnet.nl.
Ten
slotte
Evenwaardig
Nederlands is
nog steeds verre van volledig. Er
zijn
reeds enorm veel vreemde woorden onze taal binnengeslopen, en dit
proces gaat ook nog steeds door. De grootste bijdrage hieraan leveren
waarschijnlijk wel de informatie- en communicatietechnologie en de
internationale handel. Regelmatig wordt deze lijst dan ook aangevuld.
Zie de pagina Onlangs
toegevoegde en
verbeterde ingangen. De lijst in
boekvorm wordt eveneens steeds bijgewerkt, door het systeem van 'afdruk
op bestelling' zal deze steeds slechts weinig of niet 'achterlopen' op
de lijst op internet.
Immers, europeanisering,
internationalisering en mondialisering zijn
zeker niet gebaat met het opgeven van kleinschaliger cultuurelementen,
zoals de Nederlandse taal. Juist deze elementen vormen een verrijking
van de grotere culturele, sociale, politieke en economische eenheden.
Afgezien ervan dat de omvang en het belang van de Nederlandse taal door
de Nederlanders nog steeds worden onderschat. Dat onderwerp valt echter
buiten dit kader.
Dick van Zijderveld
januari 2007
- oktober 2009
* Koops, Bert-Jaap, Slop, Pim, Uljee, Paul, Vermeij, Kees, Zijderveld, Dick van. Funshoppen in het Nederlands. Woordenlijst onnodig Engels. Amsterdam: Prometheus, 2009. ISBN 978 90 351 3506 2.
––––––––––––––––––––––––––––
©
Dick van Zijderveld 2004 - 2009