te gaan 1
voor de boeg, vóór zich; 2 …
de tijd bv.
'we hebben nog vier uur te gaan voordat …', – [weglaten]
bv. 'we
hebben (in een
spelletje) nog twee uur'.
gaan voor 1 zich inzetten
voor, achter iets (gaan) staan,
het dan ook doen §;
2 kiezen; 3 de voorkeur geven
aan, prefereren; 4
gokken op, inzetten op; 5
streven naar, mikken op
– ga ervoor! doe je best!, zet je ervoor
in!, geef je helemaal!, zet hem op!
gadget
snufje; speeltje,
hebbedingetje
gag grap Zie
ook running gag.
gaga
kierewiet, stapel
gala evening
gala-avond
galaxy melkweg,
melkwegstelsel
gallery galerie,
toonzaal
galley boordkeuken;
vliegtuigkeuken; kombuis
game 1
wedstrijd, spel; 2 ict
(computer)spel; 3 ict
(simulatie)spel, simulatie
– it's
all in the game
het hoort er
(allemaal) bij
– the game is over het spel is
afgelopen, het spel is uit
– it's
part of the game
het hoort bij
het spel sport
gameboy ict zakspelcomputer, elektronisch
zakspel,
spelcomputer, speelmaat
game card ict
spelkaart Zie ook
card.
gamecontroler
speelstuur° ict-spel
gamen spelen van
computerspellen, computerspelen
gamer speler m.n. van
computerspellen, computerspeler
gaming ict 1 spelen z.nw., spelletjes
doen; 2 spellen §,
spelletjes §
gammaknife nucleair lancet
gang bende
gangbang 1 serieseks; 2
seksfeest
gangrape groepsverkrachting
gangster
bendelid
gangwissel versnellingsbak
gap
(kwaliteits)kloof, hiaat
◊garage 1 (auto)herstelwerkplaats; 2 (auto)stalling
garagebox autostalling,
garage
garagist garagehouder
◊garantie waarborg
garbage 1
alg. rommel,
rotzooi, bagger; 2 spec.
onzin, geklets; 3
ict
rommel, onzin, onbruikbare
gegevens,
vervuilde gegevens
garden-party tuinfeest
gas-liquid
proces
gas-vloeistofproces
gate 1 poort, toegang ook ict; 2 ict
schakelaar, schakelknopje op
chip.
– -gate schandaal-,
-schandaal
gated community afgesloten wijk, afgesloten woongebied, hekwerkwijk Zie ook community, gate.
gateway
toegangspoort
gay b.
nw. en z. nw.
homo, homofiel,
homoseksueel
gearing 1 tandwieloverbrenging,
versnellingsbak,
transmissie; 2 overbrenging,
overbrengingsverhouding,
versnelling autotechniek
◊gechoqueerd geschokt
gedachten opmaken Zie opmaken.
geëigend geschikt,
adequaat
◊gegrild geroosterd
gehandicapt 1 belemmerd, beperkt alg.; 2
beperkt, gebrekkig, met een (…) beperking, met een
… gebrek, met een …
bezwaar, invalide, behoeftig, specifiek:
blind, doof, mank enz.
gehandicapte gebrekkige,
invalide, behoeftige, …beperkte,
specifiek:
blinde, dove, manke
enz.
geheugenstick ict geheugenstaaf
◊gel 1 dril, gelei; 2
haargelei, haardril,
haarverstevigingsgelei
gel-inkt gelei-inkt,
stroopinkt°,
schrijfstroop°,
drilinkt°
gel wash wasgelei, reinigingsgelei,
geleizeep Zie ook
gel, wash.
geloven in vertrouwen op; interessant
vinden
◊gelpen geleipen,
stroopinktpen°,
drilpen°
gel spinning
drilverspinning, geleiverspinning chemische
industrie
geluidsbox
luidsprekerkast, geluidskast Zie ook box.
Gelukkige verjaardag! (Hartelijk)
gefeliciteerd met je
verjaardag!
◊genant pijnlijk,
beschamend
gender 1 geslacht; 2
geslachtsrol; 3
vrouwenstudies; 4
geslacht taalk.
gender identification
geslachtsvereenzelviging,
geslachtsidentificatie
genderstudies
geslachtsrolstudie, vrouwenstudies
gene pool
genenreservoir,
soortgenenverzameling biologie
Zie
ook pool.
general algemeen,
hoofd-
general manager directeur,
algemeen directeur,
hoofddirecteur
general public license ict vrij van
rechten,
(auteurs)rechtvrij, vrij
generation generatie
– next generation nieuwe
generatie, volgende generatie
generic top-level
domain (gTLD)
ict algemeen
topdomein
generous grootmoedig,
edelmoedig, genereus
genomics moleculaire
biologie, genomica¡
genuine echt, zuiver,
onvervalst, authentiek,
eerlijk
gentleman's agreement
herenakkoord
georiënteerd gericht
◊gepermitteerd Zie permitteren.
gerecycled kringloop-;
hergebruikt Combinatie
van Ned. en Eng.
deelwoordvorming. Zie ook recycled, recyclen.
gesettled
genesteld, gevestigd
geshockeerd geschokt,
{gechoqueerd}
◊geste gebaar
gestresst gespannen,
overspannen, opgejaagd
get away ga weg; op pad
get-away-car vluchtauto
get more! krijg meer!,
bereik meer!
◊gettoblaster
gettoknaller°, gettobruller°
ghoster bewerker
ghostwriter
achtergrondschrijver, schrijver op de
achtergrond,
schaduwschrijver
gift [Eng. uitspr.]
geschenk, gift,
cadeau(tje), aardigheidje,
attentie
gift box 1
cadeauverpakking, geschenkdoos verpakking;
2
cadeaudoos, verrassingsdoos doos
geschenken
giftcard
cadeaubon, cadeaukaart
giftshop
cadeauwinkel,
geschenkenwinkel
gilet vest
◊gimmick
vernuftigheid(je), slimmigheid(je),
vondst
gin jenever
G.I.N. W.P.W. Zie ook Global Issues
Network.
ginger gember
gingerale gemberbier
girl meisje, meid
girl group meidengroep; meisjesgroep muziek
girl talk
meidenpraat, meisjespraat
girly
meisjes-, meiden-
gitaar [gítaar]
gitaar [gitáár]
giveaway / give-away cadeautje;
weggeef-, weggevertje
glacier tongue gletsjertong aardkunde
◊glamour
schitter°, schittering, glans,
betovering
glamourous betoverend,
schitterend, schitter-
glider zweefvliegtuig
gliding zweefvliegen
glijder zweefvliegtuig
glitter 1 schittering, flonkeren; 2
flonkertje°, lovertje, paillette meestal mv.
– glitter and glamour schittering en glans,
schittering
globaal
mondiaal, wereld, wereldwijd 'Globaal' betekent 'algemeen',
'over het algemeen'.
global wereld-,
wereldwijd, mondiaal
– global dimming
mondiale verduistering, zonneschemering° Vermindering van het op de aarde
vallende zonlicht door stoffen in de atmosfeer. Een andere term is solar
dimming.
– global image mondiaal
imago, wereldimago imago van
wereldwijd
opererend bedrijf, ~ instelling
– global player wereldspeler,
mondiaal speler,
wereldwijd speler
– global warming mondiale opwarming, werelwijde
temperatuurstijging
Global Issues Network Wereldproblemennetwerk Zie ook
G.I.N.
globalisatie Zie globalisering.
globalisation mondialisering
globaliseren mondialiseren, wereldwijd
worden
globalisering (< globalisation)
mondialisering
globalist (<
globalist) mondialist
global player mondiaal
speler, wereldspeler
global village werelddorp,
wereldwijd dorp
global warming mondiale opwarming,
werelwijde temperatuurstijging
gloss, lippengloss lippenglans, glans
glossy b.nw. in (hoog)glansdruk, glanzend,
glimmend
glossy z.nw. (hoog)glansblad,
glanstijdschrift°,
glimblad°, luxeblad
glow-in-the-dark
b.nw.
fluorescerend, in het donker oplichtend; glanzend / schitterend (in het
donker)
glow-in-the-dark z.nw. oplichtend
figuur, fluorescerend figuur, oplichtend / fluorescerend …
glowstick gloeistaafje,
gloeisnoep
glue lijm, plaksel
glue stick lijmstift,
plakstift
◊goal 1
doel; 2
doelpunt
go! af!, ga! Ook ict als
knop op scherm.
– go hebben groen licht
hebben
– go krijgen groen licht
krijgen
– … to
go
meeneem-, om mee te nemen
go/no go,
go of no-go
doorgaan/stoppen, doorgaan of
stoppen, doorgaan of afblazen
goalie
doelverdediger/ster,
doelman, doelvrouw, doelwachter
go-between tussenpersoon,
bemiddelaar
gold b.nw.
gouden
gold z.nw. goud
golddigger goudzoeker
golden share gouden aandeel
gold plated met gouden
laag, doublé
golden shower plasseks,
'gouden regen' Zie ook golden,
shower.
golfboard
brandingrijdplank, brandingplank,
{surfplank}
◊golfclub golfstok,
slagstok Zie
ook club.
good b.nw. goed
good-looking knap
good(s) z.nw. goed(eren)
goodies -spullen,
-spulletjes
good guys and bad guys goeden en
slechten
◊goodwill 1 welwillendheid, sympathie,
faam; goede naam; 2
klandiziebereidheid;
3
klandiziebereidheidsvergoeding,
naamsvergoeding; overnamepremie
gordijn-airbag
gordijn(opvang-, bots-,
auto)ballon,
zijruit(auto-/bots)ballon, ~airbag, raam~ autotechniek Zie ook
airbag.
gorgeous schitterend,
prachtig
gossip roddel
gothic story
griezelverhaal, gruwelverhaal
governance 1 bestuur; 2 behoorlijk bestuur
– corporate
governance goed
ondernemingsbestuur, deugdelijk ondernemingsbestuur Zie ook corporate.
–
good
governance behoorlijk bestuur
government
regering, overheid
G.P.S., global positional system
W.P.S., wereldwijd
plaatsbepalingssysteem
grace period
kortingsperiode, kortingstermijn,
actieperiode,
actietermijn
graduate 1 afgestudeerde; 2
doctoraal / meester-
/ universitair niveau
graffiti verfkladwerk,
verkladding, muurkladden
◊grand
café groot café
grant subsidie;
toelage, beurs
granted toegekend;
ingewilligd
grapevine 1 geruchtenmolen; 2
gerucht
graphic grafiek,
grafische voorstelling; 2
schema; 3 ict tekening, plaatje
graphic novel beeldroman, beeldverhaal,
{stripverhaal, -roman} Zie
ook graphic,
novel.
graphics
1 grafiek,
grafische kunst,
grafische
media; 2
berekening aan de hand van grafieken, grafische berekening; 3 ict
grafiekvervaardiging), grafieken
grassroots 1 gewone mensen; (zwevende)
kiezers; 2
basisfeiten
gravel
1 pangruis, roodgruis; 2 grind, kiezel
gravity 1 dichtheid; 2
zwaartekracht
greedy 1
gulzig; 2
begerig, hebzuchtig; 3 gretig
green z.nw. 1 grasmat; 2
groen z.nw.,
groenvoorziening; 3 golfterrein,
(golf)baan
green card groene kaart
green coal groene kolen energiebron
greenkeeper
baanonderhouder, baanverzorger, baanman
Betreft golfbaan.
greenport
(glas)tuinbouwcentrum, hoofdtuinbouwgebied, tuinbouwconcentratie
green room artiestenfoyer
green stick fracture
twijgbreuk, groenhoutfractuur,
groenetakbreuk geneesk.
greenwash
groenwassen° z.nw. Veranderen om een
'groene'
indruk te maken; vgl. 'witwassen'.
greenwashen
groenwassen° Veranderen om een 'groene'
indruk te maken; vgl. 'witwassen'.
greenwashing
groenwassen° z.nw. Veranderen om een
'groene' indruk te maken; vgl. 'witwassen'.
grey grijs
greyhound
hazewindhond
grid, smart ~ slim netwerk
grill
1 rooster,
braadrooster; 2
radiatorscherm, luchtrooster = 'radiatorgril(le)'.
grille [Fr.]
radiatorscherm, luchtrooster =
'radiatorgril(le)'
grillé geroosterd
grip 1 greep, vat; 2
klem; 3 toneelknecht,
technisch medewerker, technisch assistent film; 4 beheersing, meesterschap, vat
groggy versuft;
wankel, onvast
Groningen gids
Gids van / voor
Groningen, Groningse gids
grooven [oe]
goed klinken,
lekker klinken
groovy jt. helemaal te gek, gaaf o.i.d.
ground floor begane grond, parterre Zie ook floor.
ground tracer
bodemspoorzoeker,
bodemspoorzoekmachine, bodemspeurder°
group groep;
bedrijven
– Jansen Group Jansen-groep;
bedrijvengroep Jansen
grow shop kweekwinkel hennepteelt
gsm zaktelefoon,
mobiele telefoon
guerilla store tijdelijke winkel,
zestigdagenwinkel
Guess what! raad eens!
guest 1 gast; 2 ict gastgebruiker,
gebruiker
– be my / our
guest!
ga je gang!
guestbook
gastenboek ook ict
guesthouse pension
guest star
gastster
guide gids alle bet.
guided imagery geleide
beeldvorming, geleide
verbeelding psych.
guilt schuld;
schuldgevoel; uit schuldgevoel in
samenst. Bv. ‘guilt lunch syndroom’.
gum 1
gom; 2
vlakgom; 3 kauwgom
gun 1 geweer; 2
pistool, revolver; 3
vuurwapen
gut feeling [vak invullen]sgevoel,
intuïtie Zie
ook feeling, gut(s).
gut(s) lef,
durf, kloten
guy jongen, kerel
gym [dzjim]
sportzaal, gym(nastiek)zaal
◊gynaecoloog vrouwenarts